Een nieuw mobiel abonnement kan meer data voor minder geld bieden, terwijl je bestaande abonnement duurder wordt. Radar beschrijft dat verschil op 13 september aan de hand van bundels uit 2021 en 2026. De vergelijking gaat over abonnementsprijzen per inbegrepen gigabyte, niet over wat dataverkeer een provider werkelijk kost.

Prijs per GB is niet je maandbedrag

Bij de door Radar geselecteerde KPN-bundels verandert 10 GB voor 27,35 euro in 2021 in 20 GB voor 24 euro in 2026. De prijs per inbegrepen gigabyte daalt daarmee veel sterker dan het maandbedrag. Onze duiding: extra ongebruikte gigabytes leveren je geen geld terug op. Een lagere prijs per GB is bovendien geen meting van de kosten van een netwerk.

Wat KPN in oktober verandert

KPN meldt op zijn eigen servicepagina dat het mobiele abonnementen in oktober 2026 met 3,3 procent indexeert. De verhoging geldt volgens de provider voor abonnementen die vóór 1 juli 2026 zijn ingegaan. Het bedrijf verwijst naar het CBS-inflatiecijfer over 2025 en zijn algemene voorwaarden. Het gaat om een aangekondigde wijziging; deze oktoberverhoging is op de publicatiedatum van dit artikel nog niet ingegaan.

KPN berekent de verhoging over het basisbedrag na aftrek van de korting die geldt zolang het abonnement loopt. Maandelijkse toestelkosten en andere bundels blijven volgens deze aankondiging gelijk. De verklaring van KPN is dat inflatie ook zijn kosten verhoogt. Dat is de onderbouwing van de aanbieder, geen onafhankelijke controle van zijn kostenontwikkeling.

Een prijsindex is geen persoonlijke factuur

Ook het CBS maakt onderscheid tussen nieuw aangeboden abonnementen en langer lopende contracten. In zijn onderzoeksbeschrijving van februari 2026 legt het uit waarom alleen de nieuwste winkelprijs onvoldoende is: die is relevant voor wie een contract afsluit, maar kan afwijken van wat bestaande klanten betalen. Een gemiddelde prijsontwikkeling vertelt daardoor niet wat er met ieder afzonderlijk abonnement gebeurt.

Voor mobiele abonnementen verzamelt het CBS maandelijks online prijzen. Het onderscheidt eenjarige en tweejarige contracten. Bij tweejarige abonnementen telt naast het nieuwe aanbod ook hetzelfde contracttype van een jaar eerder mee, met de inflatieaanpassing uit de voorwaarden. De index berust dus op een combinatie van nieuwe en bestaande contracten. Alleen een aantrekkelijke aanbieding aanwijzen is onvoldoende om te concluderen dat de rekening van alle klanten daalt.

Overstappen is niet de enige vergelijking

De ACM meldde in mei, op basis van haar consumentenonderzoek over 2025, dat veel mensen langer dan drie jaar bij dezelfde telecomaanbieder blijven omdat zij tevreden zijn over de dienstverlening. Prijs is juist de belangrijkste aanleiding voor een overstap of een nieuw contract bij de bestaande aanbieder. Voor mobiel had ongeveer een derde van de ondervraagden zo’n stap gezet. Dat cijfer betreft beide mogelijkheden samen, niet uitsluitend mensen die van provider wisselden.

Volgens de ACM maken welkomstkortingen en uiteenlopende pakketten vergelijken voor sommige klanten lastig. Onze praktische duiding: zet daarom de kosten over de hele contractduur naast elkaar, inclusief de maanden nadat een introductiekorting afloopt. Vergelijk een verlengaanbod met een overstapaanbod op dezelfde basis. De interessante uitkomst is wat je betaalt voor een passend pakket, niet hoeveel extra gigabytes een reclame belooft.

Verder bij de bron

Lees zelf de onderzoeken, uitleg en aankondigingen achter dit verhaal.

Bronnen en werkwijze